Christus, het heilig Hartbeeld mist zijn arm in Maashees.
Het heilig Hartbeeld moest in 2006 ruimte maken want de gemeente kwam met een herinrichting van het Heilig Hart Plein. Het standbeeld is toen naar zijn huidige standplaats verplaatst Op de oude standplaats is vervolgens een parkeerplaats voor Havens gemaakt.
Nu wil de gemeente het beeld omarmen en restaureren als ze het in eigendom krijgt. Ik geloof er in dat kerk en staat gescheiden zijn. Het kerkbestuur in Maashees gaf in 1930 opdracht om dit beeld te laten maken als geschenk van de parochie bij het zilveren priesterfeest van pastoor Michiels.
Bijna een eeuw later, in de oorlog gespaard gebleven voor schade (slechts lichte schade in ontbreken van zijn rechterhand) terwijl de kerk en alles erom heen aan flarden was geschoten, verneem ik van de dorpsraad dat het heilig Hartbeeld opnieuw zijn rechterhand mist. De vraag van de dorpsraad aan ons – het kerkbestuur – is wat nu te doen. De dorpsraad heeft eerst geïnformeerd bij gemeente en nu bij ons.
We nemen even de tijd – met uw goedvinden – voor een juist besluit en laten zo spoedig weten wat het besluit is aan de dorpsraad, de gemeente Land van Cuijk en u, parochianen in Maashees.
Misschien is het teken dat het H. Hartbeeld zijn rechterhand heeft verloren een teken aan ons om nu de hand van Jezus te zijn, die naar het Heilig Hart wijst in deze wereld en tijd.
Voor wie de oorsprong en betekenis van het Heilig Hart van Jezus niet kent kan dit hier lezen.
Op 20 juni 1671 trad in dat klooster van de Visitatie een nieuwe postulante in, Marguerite Alacoque. Zij zal als kloosternaam dragen: Margaretha-Maria. Door wat zij als genade ontving, werd dat klooster wereldwijd bekend. Jezus verschijnt haar namelijk en trekt haar aandacht onder meer op zijn vijf verheerlijkte wonden die schitteren als zonnen (verschijning van de eerste vrijdag van januari 1674).
Hij wijst ook naar zijn Hart (tijdens verscheidene verschijningen). Hij verlangt dat zij zijn goddelijk Hart zou vereren, ‘het Hart dat de mensen zozeer heeft liefgehad en dat zo weinig dankbaarheid ondervindt’.
Ook vraagt Jezus dat de kerkgemeenschap een feest zal instellen, gewijd aan zijn Heilig Hart. Jezus wijst naar de Eucharistie als het sacrament van Zijn liefde. Velen ontvangen dat heilig Sacrament zonder veel eerbied, zonder veel geloof, zonder veel liefde. Jezus vraagt daarom dat men tijden van aanbidding zou nemen, om juist onze dankbaarheid te tonen en onze ondankbaarheid goed te maken.
Jezus verschijnt aan Margaretha-Maria Alacoque en wijst op zijn verheerlijkte wonden die schitteren als zonnen
Jezus’ Hart in het Johannesevangelie
De liefde van Jezus, de tederheid van zijn hart komt in alle evangelies sterk naar voren door zijn aandacht en daadwerkelijke liefde voor mensen in nood, zieken, melaatsen, gebrekkigen en zondaars, mensen die vaak door anderen uitgestoten werden. Zijn hart was echter wereldwijd, ging uit naar de mens van alle tijden en van overal. Daartoe was Hij gekomen, om de mens van alle tijden het heil te brengen. Daarvoor had Hij alles over.
Johannes, de leerling die Jezus liefhad, stelt dat zeer sterk in het licht waar hij Jezus laat zeggen:‘Ik ben de goede herder. De goede herder geeft zijn leven voor zijn schapen’ (Joh. 10, 11). Jezus wilde dat de mensen zouden leven van Zijn leven: ‘Ik ben de wijnstok, gij de ranken. Wie in Mij blijft, zoals Ik in hem, die draagt veel vrucht, want los van Mij kunt gij niets’ (Joh. 15, 5). Daarom is het Sacrament van de Eucharistie zo sterk in zijn betekenis:‘Neem en eet, dit is mijn Lichaam; Neem en drink, dit is mijn Bloed, dat voor u en voor de velen wordt vergoten’
De liefde van Jezus in een kille tijd
De tijd waarin Margaretha-Maria leefde, was in feite een hoogtij voor het Jansenisme. Deze afwijkende leer was een echte beproeving voor het christenvolk. God was voor hen een strenge Meester. Slechts weinige mensen waren uitverkoren. De wil van God, zijn geboden en verboden wogen zwaar op de mensen. De meesten voelden zich onwaardig om tot God te naderen. Weinigen durfden of mochten communiceren in de eucharistieviering. Gods volk liep gebukt onder dit strenge geloof. Hoewel veroordeeld door het leergezag, had het toch veel impact op het gelovige volk. Juist in die tijd openbaart Jezus te Paray-le-Monial aan Margaretha-Maria Alacoque de liefde van zijn hart. Hij doet zich kennen als de Minnaar van de mens.‘Dit is het hart dat de mensen zozeer heeft liefgehad.’ Dit is een zin die wij voortdurend voor de geest mogen houden.
Zelfs als in de verdere openbaringen aan Margaretha-Maria er allerlei klanken zijn van uitboeting, voldoening, eerherstel, toch ligt de klemtoon op de liefde van Jezus’ hart. Paray-le-Monial wil ons uitnodigen tot de beschouwing van Gods Liefde die zich in Jezus heeft geopenbaard als een liefde die zich geen grenzen heeft gesteld.‘Zozeer heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn Enige Zoon heeft gezonden, niet om de wereld te oordelen, maar om de wereld te redden’.
Paray-le-Monial is – zoals gezegd – het centrum van waaruit de devotie tot het Heilig Hart van Jezus verspreid is over de hele wereld.
In zekere zin was die devotie tijdgebonden.
Maar in feite gaat het over de blijvende liefde van God voor de mens. De Heer zelf heeft de wereld er attent op willen maken dat Hijzelf de Bron van alle heil is.
‘God is liefde’ (1 Johannes 4, 16b)Dit is in feite de boodschap van Paray-le-Monial, een boodschap zo oud als de Bijbel: God die van de mensen houdt, die hun hart willen winnen … om hen gelukkig te maken. Heel de geschiedenis van het oudtestamentische Godsvolk is een liefdesverhaal, een woord van liefde, doorheen alle ontrouw vanwege de mens. Johannes schrijft: ‘Zozeer immers heeft God de wereld liefgehad dat Hij zijn Eniggeboren Zoon heeft gegeven, opdat al wie in Hem gelooft niet verloren zal gaan, maar eeuwig leven zal hebben. God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gezonden om de wereld te oordelen, maar opdat de wereld door Hem zou worden gered’. (Joh.3, 16-17 vgl. 1 Joh. 4,9-10). En ook nog: ‘Ik geef mijn leven voor mijn schapen’ (Joh. 10, 15b). Liefde is het grote woord, de grote werkelijkheid van waaruit wij mogen leven: Gods liefde voor ons in Jezus Christus. Het ‘Hart’ is het symbool, dat hart, dat doorstoken werd op Calvarie.
De devotie tot het Heilig Hart van Jezus is niet gewoon een devotie, die ons maar matig beroeren en tot weinig engageren. In zijn encycliek ‘Haurietis Aquas’ (Gij zult putten aan de waterbronnen van het heil) van 1 mei 1956 schreef Paus Pius XII: De verering van het allerheiligste Hart van Jezus is substantieel de verering van de liefde die God voor ons heeft in Jezus, en tegelijkertijd het daadwerkelijk beleven van onze liefde tegenover God en de mensen; of anders gezegd: deze cultus ziet de liefde van God voor ons als voorwerp van aanbidding, dankzegging en navolging; het doel is ons tot volmaaktheid te brengen en tot de volheid van liefde die ons verenigt met God en de mensen’ (§ 60).
Laat dit ook ons brengen tot aanbidding, wederliefde en navolging!
De derde vrijdag na Pinksteren vieren wij het hoogfeest van het Heilig Hart nog steeds, maar bovenal laten wij elke dag ons hart spreken. Intussen laten wij allen met onze linkerarm naar ons hart wijzen, bij elk contact, mogen al ons spreken en handelen vanuit ons hart geschieden dan kan er geen oorlog en vijandschap zijn, staan we geen mens naar het leven getuige Jezus wiens geboorte we komende Kerstmis weer vieren en gedenken in de kerk en thuis.
Pastoor Jos Hermans.